Archive

Posts Tagged ‘Sons Of Seasons’

MaYaN – passie voor muziek terug bij toetsenist Jack Driessen

Tekst: Gerianne Meijer
Foto’s: Evelyne Steenberghe

MaYaN de nieuwe symphonische metalband van Mark Jansen (Epica), Frank Schiphorst en Jack Driessen (ex-After Forever), heeft in rap tempo bekendheid verworven in de Nederlandse Metalscene.

Mede door de bekende line-up, maar ook zeker door hun knallende debuut ‘Quarterpast’, die lovende recensies ontving. Momenteel zijn ze druk aan het toeren door Nederland en Zuid-Amerika. Gelukkig heeft toetsenist Jack vlak voor de show in Tivoli nog wat tijd om wat vragen te beantwoorden.

Na een tijdje rondgelopen te hebben op zoek naar een goede plek voor het interview, besluiten we te gaan zitten in een grote zaal waar net iedereen gegeten heeft.

Je bent in 2000 gestopt met After Forever en dit jaar is MaYaN opgericht. Wat heb je in de tussentijd gedaan?

Jack Driessen: Dat is een goede vraag. Ik heb die vraag al eens vaker gehad, want het is inderdaad al weer elf jaar geleden. In de tussentijd ben ik eigenlijk niet heel serieus met muziek bezig geweest. Ik heb mijn studie Human Computer Interaction afgemaakt en nu zit ik overdag in de computers.  

Op een gegeven moment  in 2007 kwam ik Mark weer een keer tegen op een klein festival  vlakbij Reuver. Daar raakte ik met hem in gesprek. Door allerlei redenen hadden we niet echt contact meer gehad en we hebben toen wat dingen uitgepraat.

Daarna hebben we er een punt achter gezet en zijn we muziek gaan maken. Ik ben naar hem toe gegaan en  we zijn dingen gaan componeren. Voor ‘Design Your Universe’ van Epica had hij al een intro klaar, maar hij had nog geen openingstrack voor erachter en daar zijn we samen aan gaan werken

Hij vroeg aan mij een melodie, en binnen twee avonden hadden we de hele structuur van het nummer al klaar. Dat was eigenlijk de basis voor het begin van MaYaN.

Dat was dus eigenlijk in 2007 al?

Jack: In 2007 hadden we het eerste contact, toen heeft het nog even geduurd. We zijn eerst met zijn tweeën begonnen. Daarna hebben we een paar keer afgesproken met Sander Gommans (ex-After Forever, red). Hij had helaas een hele volle agenda , maar het componeren ging ook heel goed met hem. De stijl was wel anders dan dat we nu hebben.

Dat komt ook omdat toen we verder gingen denken wie Sander moest vervangen Mark meteen dacht aan Frank Schiphorst. Mark had hele goede herinneringen aan de Christmas Metal Symphony waar hij een paar keer had gespeeld.

We hebben hem een keer uitgenodigd en dat was fantastisch. Er kwamen allemaal chaotische riffs uit en dat liep als een trein. Vanaf dat punt ging het eigenlijk heel snel. Binnen een paar maanden hadden we de meeste nummers opgezet en afgemaakt. Ondertussen hebben we bij Nuclear Blast getekend. Het werd echter wel vrij snel duidelijk dat we er ook een live band van wilden maken. De keuzes waren gelukkig vrij voor de hand liggend.

Mark Jansen is even bij Epica gaan ‘winkelen’ zo van: ‘wie van jullie heeft er zin?’  Isaac Delaaye (gitaar) had wel interesse en Ariën van Weesenbeek (drums) werd gewoon meegedeeld dat hij mee moest doen.

Toen hadden we een band compleet, maar we hadden nog weinig invulling aan de zang gegeven.

Mark zou in ieder geval gaan grunten, maar meer wisten we nog niets. Mark kende Laura Macri al en met haar is het begonnen. Floor Jansen en Simone Simons zijn er niet altijd live bij, omdat dat moeilijk te combineren is.

Als laatste hebben we nog een geweldige zanger gevonden in de vorm van Henning Basse (zanger bij Sons of Seasons). Die kan gewoon alles, je hoeft het maar te vragen en er komt altijd iets prachtigs uit. Toen hadden we onze live band compleet en zijn we in mei gestart met toeren door Nederland. Te beginnen met de try-out in Baroeg. Dat was hartstikke leuk!  Terug op het podium was wel een gek gevoel na al die jaren, maar wel heel leuk.

Meteen heel veel mensen op een klein podium.
Jack: Ja, dat klopt! Acht man geloof ik. Maar het hoogtepunt tot nu toe is wel Paradiso geweest denk ik.

Ja, dat was heel gaaf. Hoeveel van jezelf kan je eigenlijk kwijt in de band?

Jack: Ik componeer sowieso stukken mee, net als bij After Forever. Die stijl heb ik eigenlijk een beetje doorgezet. Ik heb niet veel anders gedaan als toen en je hoort soms ook riedeltjes die voor After Forever fans misschien bekend klinken. Wat ik wel anders heb gedaan is wat meer met orkestraties gewerkt.

Toen  ‘Prison of Desire’ uitkwam, de eerste AF plaat , heb ik echt alles live gespeeld. Nu heb ik daar ook orkestraties bij gemaakt, zodat het allemaal wat voller klinkt. Het grootste verschil is dat ik veel bewuster ben gaan letten op waar de toetsen iets toevoegen en waar niet. Ik ben wel tevreden met hoe dat gelukt is.

Dus je bent in die zin wel gegroeid?

Jack: Ja, misschien wel. Toentertijd was het zo dat overal toetsen op moesten, toen kwamen alle gothic bands op en hoe ‘spookier’ het klonk hoe beter. Dat is nu niet meer zo. Ik denk dat die hele scene, verzadigd wil ik niet zeggen, maar er is wel behoefte aan vernieuwing. Er zal niet meer een band zijn in dat genre die zo groot wordt als Nightwish of Within Temptation.

Maya-cultuur

Dan wil ik het nu graag even hebben over de inspiratie achter de bandnaam. Die is vernoemd naar de Maya cultuur, wat inspireert jullie daar het meest aan?

Jack: Ja, een aantal dingen. Als je kijkt naar de hele geschiedenis, de kalender, over waar de wereld naartoe gaat dan  zie je veel mensen de vergelijking trekken tussen de versnelde economie en versnelde technische ontwikkelingen en dat inspireert mensen heel erg.

In die zin is de Maya cultuur een hele mooie bron van informatie om meer inzicht te krijgen, met name de normen en waarden die zij hadden. Het ging toen echt nog over de essentiële dingen van het leven en niet zozeer om geld en macht.

Dat kom je ook veel tegen in de teksten inderdaad.

Jack: Ja en corruptie. Allerlei schandalen die gewoon maar kunnen en niemand doet er wat aan omdat er geld mee gemoeid is. Dat  geeft een beetje aan hoe ziek deze wereld is en daarom zie je in veel nummers ook een beetje dat thema terugkeren. Eigenlijk om te laten  zien van we (de mensheid, red) het eigenlijk een beetje verknald hebben.

Alles gaat steeds sneller en het grappige is dat er een parallellijn is met de  Maya kalender, waarin we nu aan de top zitten. Waar alles steeds sneller gaat, totdat er een moment is waarop je weer opnieuw moet beginnen.

Je merkt nu dan ook dat de mensen in paniek raken: de economie is slecht,  de olie raakt op, enzovoorts. Je kunt daar eindeloos over vertellen maar wat mooi is dat de Maya cultuur laat zien wat de kern van leven is en dat fascineert ons.

Wat hadden jullie voor ogen toen jullie de band oprichtten? Qua boodschap en muziek?

Jack Driessen: Qua muziek is dat wel grappig (lacht), want toen Mark en ik begonnen, dachten we: ‘laten we kijken wat goed klinkt’ en als dat lijkt op After Forever dan is dat zo, maar dat is wel veranderd.  

Toen Sander Gommans erbij kwam wilde hij juist heel erg dat we niet op die band gingen lijken. Sander had helaas op een gegeven moment niet genoeg tijd meer en dat respecteerden we. Toen Frank Schiphorst erbij kwam, wisten we dat het extremer en heftiger zou gaan worden.

Het resultaat is dan ook steviger. Echter niet alles en ik denk ook dat dat onze kracht is. Er zitten hele harde stukken tussen, maar ook dingen die fans van Epica leuk vinden. We willen gewoon dat de muziek vernieuwend zou zijn, dat is het hoofddoel.

Gezien de recensies is dat wel gelukt!

Jack: Ja en daar zijn we dan ook heel blij mee! Toen we begonnen, hadden we dat nog niet concreet als doel. Maar toen we de nummers aan het schrijven waren, beseften we dat het niet direct te vergelijken was met iets anders en toch toegankelijk blijft voor metalfans.

Creatief proces

Hoe lastig is het dan om met drie verschillende creatieve geesten op één lijn te gaan zitten?

Jack: Dat is een goede vraag. Elf jaar geleden waren we, om het oneerbiedig te zeggen, een stelletje pubers die allemaal best wel eigenwijs waren. We vielen elkaar in de rede of we pikten elkaars mening niet.

Nu accepteren we gewoon elkaars kritiek en beseffen we dat het altijd iets bijdraagt aan het geheel. We hebben alle drie wel een zekere invalshoek. Mark Jansen kan heel goed structuur creëren. Frank Schiphorst en ik zijn meer van de riffs en creativiteit. Op de een of andere manier hebben we gewoon geluk gehad met de ‘chemistry’ tussen ons drieën. Dat is heel gaaf om te zien.

Wie heeft er dan het laatste woord?

Jack: Niemand eigenlijk. We moeten alle drie ergens achter staan. Uiteindelijk zijn we best flexibel geweest en ik ben daar ook heel blij om. Ik denk niet dat iemand bij de muziek echt de overhand heeft gehad. Bij de teksten wel, want die heeft Mark voornamelijk geschreven.

Hoe lastig was het om de opnames goed te laten verlopen met al die verschillende elementen?

Jack: We zijn met de drums begonnen en vanaf daar bouw je het op. Van de toetsen had ik van tevoren al de orkestraties opgenomen, dus ik hoefde alleen de solo’s op te nemen. Dus de studio had aan mij weinig werk. De zang is allemaal erna gekomen.

Het was wel fantastisch om alle gastzangers aan het werk te zien. Het is allemaal in één studio gebeurd: Gate studio’s. Het was wel moeilijk om iedereen er altijd bij te hebben: Ik, Mark en Frank rouleerden daar een beetje in.

Er was wel altijd iemand van de band die een oogje in het zeil hield?

Jack Driessen: Ja, maar dat was ook wel nodig. Het is wel lastig, want je had toch veel mensen die niet altijd beschikbaar zijn. Mark Jansen zat bijvoorbeeld nog teksten te schrijven onderweg naar de studio, zo druk was het. Maar het is allemaal op zijn pootjes terecht gekomen (lacht).

Live

De nummers zijn vrij hard geworden, maar ik heb ook het idee dat ze in je hoofd blijven zitten, hoe is dat zo gekomen?

Jack: Daar ben ik blij om! Goede vraag, we stonden gewoon achter wat we componeerden en dat het blijft hangen is niet ons eerste doel geweest, maar ik vind het wel erg leuk om te horen!

Ja, want je zou het normaal niet verwachten van zulke complexe muziek.

Jack: Nee, wat we vaak live als feedback krijgen, omdat we openen met zo’n harde, technische track als ‘Symphony of Agression’, is dat het – voornamelijk voor Epica fans – wat rauw op je dak valt.

Dan hoor ik vaak dat ze bij volgende nummers de structuur wat meer snappen. Dus eigenlijk delen we bewust die klap uit om mensen te laten beseffen dat het wat extremer is. Wat ik ook vaak hoor is dat mensen eraan moeten wennen, dat het groeit als ze het wat vaker luisteren. 

Dat vind ik ook fijner, ik heb liever dat mensen een album vaker luisteren en het later mooier vinden dan dat ze het de eerste keer prachtig vinden en na twee keer luisteren wegleggen.

Hoe lastig is het dan om die nummers live goed uit de verf te laten komen?

Jack: Ja dat oefenen was niet altijd even makkelijk (lacht). Maar we zijn er gewoon keihard voor gegaan, thuis geoefend en een paar keer in Reuver voordat we de eerst try-outs harden. Dat is gelukkig allemaal goed gedaan, maar het was vrij lastig!

De reacties live waren volgens mij vrij positief. Maar je zegt zelf al dat mensen moeten wennen, wat voor reacties heb je nog meer gehad?

Jack: Ja, sommige mensen zeggen toch dat het te hard voor ze is en dat begrijp ik ook wel. Maar er zijn ook mensen die zeggen dat ze zoiets al lang hebben willen horen. Kijk er zijn mensen die ervoor weg lopen en mensen die het aanspreekt en ik denk dat dat niet gek is.

Wat verwacht je van de Zuid- Amerikaanse toer?

Jack: Dat is voor mij de eerste keer, ik heb in ieder geval van Mark al een beetje meegekregen hoe het daar aan toegaat. Vergeleken met Nederland is dat een gekkenhuis, niks ten nadelen van Nederland uiteraard. Mensen die luisteren metal daar zoals wij hier zeg maar Christina Aguilera luisteren.

Op de een of andere manier zijn ze daar veel gevoeliger voor iets met rock en metal, de mensen daar zijn ook anders. Je kan daar echt niet zo makkelijk over straat als hier.

Een groot verschil, dus ik ben benieuwd of het ook echt zo is. Ik kijk er wel enorm naar uit. Het is wel een hele belevenis, je gaat binnen drie weken naar een stuk of zes verschillende landen waar je nog nooit geweest bent!

Zijn er nog plannen voor een toer ergens anders?

Jack: Wat we al gaan doen is volgend jaar in september gaan we in Noord-Amerika naar Prog-power USA. Daar speelt Epica vrijdag als headliner. Zaterdag zijn wij op twee bands na laatste en de hoofdact dan is Symphony X, dus ons hoor je niet klagen.

Hoe lastig is het voor sommige bandleden om Epica te combineren met MaYaN?

Jack Driessen: Ja, dat is in die zin lastig dat ze niet even drie uur op het podium gaan staan, want dat is nogal wat: dat is te vermoeiend. Los daarvan heb je gewoon agenda’s , als Epica een nieuw album opneemt moeten ze daarmee bezig gaan. Daarnaast heb ik ook natuurlijk een gewone baan. Maar ik heb het zo geregeld dat ik genoeg vakantie dagen heb (lacht).

Dit jaar is het goed gegaan en we zullen wel zien hoe het volgend jaar gaat. Ik heb wel zoiets van ‘ ik heb het zo lang niet gedaan en het zou zonde zijn als ik het nu niet zou doen’. Stel ik ben met pensioen en ik zou terugkijken zou ik het erg jammer vinden als ik het niet gedaan zou hebben.

Zijn er tenslotte al plannen voor een nieuw album?

Jack: Plannen, ja we hebben al verschillende stukjes uitgewerkt. In sommige opzichten klinkt het nog harder als wat we nu hebben, maar er zijn ook weer stukken waar het heel open klinkt zoals de old scool Epica en After Forever fans leuk zullen vinden.

Ik vind het lastig om te zeggen omdat we nog niet heel veel hebben, maar het zal zeker weer de elementen van de eerste plaat bevatten. Ik denk niet dat het een hele omslag naar iets anders wordt. We proberen wel dit genre voort te zetten!

dank aan: MaYaN, Nuclear Blast,

Categories: Interviews Tags: ,

MaYaN – overtuigende show in druk Tivoli

tekst: Gerianne Meijer
foto’s: Evelyne Steenberghe

MaYaN behoeft eigenlijk geen introductie meer. De band met Epica- en ex After Forever-leden heeft in rap tempo bekendheid verworven. Debuutalbum ‘Quarterpast’ ontving overal lovende recensies. Sindsdien hebben ze bijvoorbeeld met Epica in Paradiso gestaan, en op het Zwarte Cross festival. Vanavond brengen ze hun symfonische death metal opera naar Tivoli, de Helling.

Na opener Sons of Seasons is de temperatuur al aardig opgelopen in de bijna volle zaal. Stipt om kwart over negen gaan de lichten uit en start de intro. De halve zaal juicht en klapt. Dan knalt ‘Symphony of Aggression’  uit de speakers.

Het snoeiharde nummer is een mooie binnenkomer en frontman Mark Jansen geniet er zichtbaar van. Meteen valt op hoe goed het geluid is. Alle instrumenten, en met name de toetsen van Jack Driessen, zijn goed te horen. Opvallend is dat er weinig handen de lucht in gaan tijdens dit nummer. Veel mensen zijn waarschijnlijk te druk met echt luisteren.

Als het nummer ten einde is, wordt dit wel ruimschoots goedgemaakt door een hoop gejuich en geklap. Mark zegt meteen met een grote glimlach: “Is het gezellig daar? Super zo druk!”

 De gemoedelijke sfeer wordt met ‘Mainstay of Society’  voortgezet. De zaal wordt wat losser en op het podium is veel interactie te zien. De twee gitaristen Isaac Delahye (Epica) en Frank Schiphorst headbangen synchroon en als frontman Mark zich erbij voegt, wordt het helemaal een dolle boel. Volgens Mark “overklassen jullie Venlo dan ook dubbel en dwars.” (gister speelde MaYaN in Venlo, red).

Vanavond ontbreekt uiteraard ook gastzanger Henning Basse (Sons of Seasons) niet. Tijdens ‘Quarterpast’  maakt charismatische zanger zijn entree en krijgt als snel het publiek aan het klappen.

De vrouwelijk vocalen worden vanavond verzorgd door Laura Macrí en Amelie Mangelschots. Laura neemt een groot deel van Simone Simons’ (te horen op het album) stukken over. Ondanks een licht accent, doet ze dit goed.

Amelie neemt de rol van Floor Jansen voor haar rekening. Haar rockstem  vult de muziek goed aan, maar is niet overal even sterk. Bij ‘Course of Life’ staat tevens haar microfoon te zacht, waardoor ze niet goed te horen is.

Dit drukt de pret op het podium echter niet. Tussen Mark Jansen en Henning is er veel interactie en de twee hebben zichtbaar veel plezier en zo kijkt het publiek wel de ogen uit. De performance blijft zeker dynamisch.

Tijdens ‘The Savage Masscare’ neemt toetsenist Jack de taak op zich, om het publiek nog eens op te zwepen. Als Mark Jansen dit vervolgens overneemt, zijn de meeste handen in de zaal al omhoog. Het haar vliegt je overal om de oren en er zijn wederom speelse momenten tussen de bandleden: ditmaal tussen Isaac en bassist Rob van der Loo.

Ook de frontman en drummer Ariën van Weesenbeek (Epica) laten genoeg interactie zien. Al die gezelligheid eist wel zijn tol: er wordt veelvuldig naar flesjes water en handdoeken gegrepen.

Voordat ‘Celibate Aphrodite’ start krijgt het publiek van Mark te horen dat hij “iedereen met lang haar wil zien headbangen!” en dat krijgt hij grotendeels voor elkaar en tijdens ‘Drown the Demon’  wordt dat zelfs doorgezet.

Het is goed te zien dat Mark Jansen gegroeid is in zijn rol als frontman. Hij maakt meer bewegingen met zijn armen, heeft een verhoging waar hij af en toe op gaat staan en heeft veel interactie met het publiek.

‘War on Terror’ wordt aangekondigd als het laatste nummer en iedereen wordt aangemoedigd om mee te doen, wat resulteert in een hele zaal die op de melodie heen en weer wiegt. Als de band het podium af is wordt er geroepen om ‘nog een liedje!’

Vanuit de coulissen roept de zanger: ‘Nog eentje, of twee? Vervolgens komen Jack en Mark weer terug het podium op. Na veel geschreeuw van het publiek besluiten ze dat het goed is en de rest van de band komt lekker rommelig het podium op. Een vrouw uit het publiek wil graag alles nog een keer vanaf het begin zien omdat ze jarig is. Mark draagt daarbij het Epica-nummer ‘Incentive’ aan haar op.

Met ‘Sinner’s Last Retreat’  komt er al headbangend, en met veel gejuich en geklap, een einde aan de show. De hele band heeft een grote lach op hun gezicht en na afloop blijven veel toeschouwers nog even hangen om, zoals voorgesteld door Mark, ‘een pintje te doen’ met de band. Een succesvol einde van een zeer geslaagde avond in Tivoli.

Meer foto’s van Sons Of Seasons en MaYaN zijn te vinden op de website van Vlien.

 

Categories: Concerts Tags: ,

Sons Of Seasons – heavier approach on Magnisphyricon

text: Gerianne Meijer
photo’s: Marc de Jong

Sons of Seasons is a symphonic metal-band from Germany. Their new album ‘Magnisphyricon’ is released a little while ago and received great reviews.

Right before their show in Baroeg, Rotterdam I was supposed to interview the founder of the band, Oliver Palotai.

Unfortunately, he is still on tour with his other band Kamelot, so a change of plans is in order. The lead singer of the band, Henning Basse is kind enough to take time out of his busy schedule to answer a few questions. Outside on a park bench, the atmosphere is very relaxed and informal.

When I tell him the sound of their new album is harder and more full compared to the first album ‘Gods of Vermin’ he completely agrees.

Henning Basse: ‘The reason is that we found another guitar player, who is really involved in the song writing. His name is Pepe Pierez. He fits really well with the band, now we’ve found our sound. The direction of the band is heavier. We didn’t have a band ideal on ‘Gods of Vermin’, because we didn’t know who would be in the line-up. We’ve found ourselves now.”

Magnisphyricon

Did you work with a different production team on the new album?

Yes, for the first time we worked with Dennis Ward who is the co-producer (and bassist, red.) of Pink Cream 69. He has made many great metal-albums. We actually thought of having Sacha Paeth (producer of Epica, Rhapsody and Kamelot albums, red.) as a producer, but we really liked the warm sound of Dennis Ward. He did an incredible job.

You have had an overwhelming amount of positive reviews for ‘Magnisphyricon.’ Did you expect this at all?

Basse Henning: (sounding a little sad) “No”. (In normal voice) “To be honest, it was overwhelming. You know, when a band has success regarding the reviews they are always really overwhelmed. But we can tell you, we worked on the album for one year. To make it happen and to get such great results regarding the reviews, we never expected that. It was hard work and we’re very proud of the result.”

You wanted the new album to be heavier, did you have any other ideas?

” No, that’s actually the point. We wanted to have it heavier, even the orchestrations. That’s a thin line, having the orchestrations that loud. It’s a matter of taste. Some people might say this is too loud, but at least it has a symphonic vibe. The way it sounds, sounds really good.”

Vocals

How do you decide what the final versions of the songs will be and who decides?  Basse doesn’t know what to answer right away so I ask is more straight forward: ‘Who’s the boss?’

” Oh yeah, I see! Oliver has this kind of thing, where he decides what is going on with the music. But we all have this democracy thing going on in the band. That’s how we decide the song writing. Oliver is the guy who decides how it should sound.”

So he’s the one who says: this is it, stop bringing in ideas?!

Yeah, but we wrote the songs together, or on our own. He is the last person who decides. That’s cool I think, because otherwise you have too much kooks. Then it doesn’t make any sense.”

It sounds like you have had a lot of fun in the studio.

” Yes, it was an interesting thing because this was the first time I had the chance to express myself, doing experimental things and different parts with my vocals. This was the first situation I encountered where I could work on my voice, doing the belting, screaming and grunting. I sang in Metallium for twelve years, this power metal band, doing lead vocals. Having a band like Sons of Seasons and creating something different is like paradise to me!

You sound really good on this new album indeed. Do you have any techniques to improve your voice?

Actually, this tour is a big improvement for me. There were so many techniques and styles I had to develop as a singer. I didn’t think I could make it on the tour, because it’s so hard to sing like that; the belting and grunting and screaming. Besides that, I need to figure out if the conditions are good enough live. In the studio you can do anything, you just have one moment, but live you have to do it all the time.

Yes, I can imagine that’s really hard. On this tour you have to sing with MaYaN as well. That must be really intense.

Yes, it is. I told the guys from MaYaN I needed to go through their songs again before I go on live, but it will be fine.”

I wanted to talk to you about the grunts you did on ‘Magnisphyricon’. You mentioned this is the first time you did them. Was that your idea?

” It happened spontaneously while the song writing was going on. Because we had such aggressive parts we had to develop something new, regarding the singing style. It just happened by accident. This was the first time I did this on my own. I was inspired by Mark Jansen (MaYaN, Epica, red.) (laughs).” 

Did you get any tips from him?

” Yes, he drinks cocoa! While the Epica tour was going on I was listening to him a lot. I think he has a very aggressive grunting style, I like that. but it’s new to me, I’m like a virgin right now. It takes time, you know.”

Do you see the grunts becoming more present in the music?

” Yes, but not all the time. It’s just an element of the singing. Oliver wants to think about it too and wants to do it as well. Maybe we’ll split the singing style, clean and grunts.”

That would be better for your voice. Do you have any routines before you go on stage?

” I always do warm-ups regarding the scales, humming, bubbles and gurgles. If you don’t warm up you get fucked, it won’t work out. You need 15-30 minutes. That’s the only thing I do when I sing.”

Songs

Does Sons of Seasons have any aspirations to write a concept album?

Concept albums are very overrated these days. We’re not involved in any concepts and there’s no interest in doing that.”

Can you tell me something about ‘Yesteryears?’ I thought that was such a great song!

” The lyrics are pretty easy: You should leave the past behind you and be happy with what you have. Be happy when you look back at the past but be happy in your life now as well. Don’t have any regrets.”

Why did you decide to put it at the end of the album?

” Because it’s such a great ending. To end so low and to really cry at the ballad at the end is a great thing to do. I don’t like these albums where you have the ballad in the middle. It’s not a typical ballad.”

How about ‘Tales of Greed’? It is a song with many contrasts; very hard and fast but also features a child’s voice. What’s the idea behind that?

” That’s my daughter, Michelle. She is only twelve years old and it took her ten takes to do. She was really professional, I was really proud! The song is about human kind being full of greed, that’s the biggest problem in this world.” 

So why did you decide to put Michelle in the song?

” I just asked her. She said: ‘Yes, but what should I sing?’ (Sings her bit of the song) It just happened by accident. ”

Live

Now I’d like to talk about Sons Of Seasons live on stage . I saw you in Paradiso, with Kamelot about two weeks ago. (Basse: Ah, did you like the show?) I liked it yes, too bad you only played for twenty minutes or so.

” It’s really hard to have this kind of spot as a new band. I mean, we played sixteen shows with them and we were one stage for about twenty-five minutes. You have to start very early, around seven o’clock. But at least you can get a lot of promotion, a lot of contacts. We were happy to be there! Paradiso was a very good show, first time for me in that venue actually, amazing.”

Have all the live experiences changed the sound of the band?

” Yes, I think so. We all grew up together and we’re a band now. The most important part for us is to have people in the band who can all contribute to the song writing. The sound changed by getting Pepe’s guitar sound. He’s so different from Oliver. Oliver writes his songs on the piano, while Pepe does the guitar riffs.

Do you feel more connected as a band because of touring?

Henning Basse: (about the tour with Kamelot). ” Yes, it was really hard to go out with just a small van, you know the silver one (points at a van parked by the side of the road). We went  from hotel to hotel and drove on our own. I was sick the whole month, I’m still a bit shaky. It wasn’t easy.” 

And now you have to go on another tour with MaYaN at the moment!

” Yes, but it’s fine. Now we have more time to play, it’s a headlining thing. I’m looking forward to it!”

So tonight is the first show, are you excited, nervous?

” Really excited! I love this! I have been in Rotterdam before, I know this club. I’m nervous about the MaYaN show. Because it’s really complex stuff to sing, you have to really concentrate on stage. It’s new to me. I’m also nervous about how my voice will do during two shows.” 

What’s your favourite Sons Of Seasons song to play live?

” Gods of Vermin and Soul Symmetry.” 

Last question for now: What do you hope the future holds for Sons Of Seasons?

Henning Basse: “ Another great album with my friends. Maybe one day money and a lot of touring. It’s really hard to make it happen these days, you have to tour a lot. My regular job is voice coach, in Germany. It’s really hard to stay alive as a musician these days. Hopefully we’ll have a creative life in the future! “

Categories: Interviews Tags:

MaYaN & Sons Of Seasons – eerste show in Baroeg een succes

tekst: Gerianne Meijer
foto’s: Marc de Jong

Dat het loont om een bekende naam te zijn in de metalwereld bewijst MaYaN. Een nieuwe band van Mark Jansen (Epica), Jack Driessen (ex-After Forever) en Frank Schiphorst. Ondanks dat er tot nu toe maar één nummer van MaYaN bekend is, staan om half acht al mensen voor de deur van Baroeg te wachten.

Als de deuren open gaan, loopt het snel vol en wordt menig Epica bandshirt gespot. Vanavond is de allereerste (try-out) show van MaYaN, spannend voor zowel de band als het publiek!

Voordat het zover is speelt eerst Sons of Seasons, een symphonische metalband opgericht door toetsenist Oliver Palotai van Kamelot, die momenteel met deze band door Europa tourt en vervangen wordt door Stefan G. die zijn gitaarpartijen speelt. Onlangs is het tweede album  ‘Magnisphyricon’ uitgebracht. De band is de tweede hoofdact, dus dat betekent een extra dosis metal vanavond!

Wanneer de intro start is de zaal al behoorlijk vol. Als ‘Bubonic Waltz’ wordt ingezet, kijkt iedereen geboeid naar de band. Zanger Henning Basse is een echte persoonlijkheid op het podium: een Victoriaanse outfit, compleet met ‘wandelstok’ aan zijn microfoon, en een innemende toch krachtige houding.

Hij zorgt zodoende meteen voor interactie met het publiek. Bij ‘Into the Void’ gaan er al aardig wat handen in de lucht. De band gaat helemaal op in de muziek. De stem van Basse is wat schor, maar past prima bij de muziek. Zijn uithaal aan het eind van het nummer dwingt respect af.

Voordat ze verder spelen, vertelt Henning dat ze twee jaar geleden in Baroeg hebben gestaan en blij zijn terug te zijn. Ze spelen voor het eerst een extra lange set van bijna vijftig minuten, zichtbaar enthousiast. ‘Lilith’ is dan ook een echte knaller! Het publiek gaat los op dit harde nummer en het zweet druipt van de hoofden van de bandleden.

Het enthousiasme is zo groot dat zanger Henning zonder het te merken een ring verliest. Als een toeschouwer hem deze teruggeeft zegt hij: ‘nu moet ik wel met je trouwen,’ wat gelach alom teweegbrengt. Dit voorval geeft goed de sfeer in Baroeg weer. Iedereen staat lekker op elkaar gepakt dichtbij het kleine podium. Door deze kleinschaligheid is er veel ruimte voor interactie, waarvan de frontman gretig gebruik maakt.

Ook moet gezegd worden dat de muziek staat als een huis. Het is echter wat harder en heeft minder nuances dan op de plaat, mede door het ontbreken van de toetsenist. Dit lijkt het publiek echter niet te deren, want tijdens ‘Guilts Mirror’ zweept de hele band het publiek op. Bij afsluiter ‘Fallen Family’ is de koek echter op en doet alleen een enkele enthousiasteling nog mee: de zaal is ook leger dan voorheen.

De band krijgt echter een welverdiend applaus en tevreden geven de bandleden elkaar een high five voordat ze het podium afgaan: een geslaagde show van Sons of Seasons!

Read more…

Categories: Concerts Tags: ,

Sons Of Seasons – Magnisphyricon

tekst: Gerianne Meijer

band: Sons of Seasons
album: Magnisphyricon
genre: melodic – symphonic metal
release: 5 april 2011
label: Napalm Records

Magnisphyricon’ is het tweede album van Sons of Seasons, de band opgericht door toetsenist Oliver Palotai (Kamelot, Doro). Aangezien ik een grote fan ben van Kamelot was ik natuurlijk erg nieuwsgierig naar deze band.

Het eerste album ‘Gods of Vermin’ was aardig, maar lag niet helemaal in mijn straatje. Ik ben benieuwd naar de opvolger!

Opener ‘Temperance’ laat meteen de kracht van de band horen: de toetsen van Oliver Palotai. De intro bevat een onheilspellende pianomelodie en een koor. Dit zorgt voor bombast en een meeslepende sfeer. Opvolger ‘Bubonic Waltz’ zet deze toon voort.

Het nummer start met bombastische arrangementen, gevolgd door raggende gitaren en snelle drums. Als de wat hese, rauwe zang van Henning Basse start is het plaatje compleet. Met dit nummer haalt de band meteen alles uit de kast: orgelklanken, solo’s, koren, gefluister en akoestische gitaren, alles komt voorbij.  Dit zorgt er wel voor dat er meerdere luisterbeurten nodig zijn om het nummer echt op waarde te schatten.

Sanctuary’ bevat een hele vette bas intro (Jürgen Steinmetz) en een opzwepende pianomelodie. Voeg daar de heerlijke gastvocalen van onze aller Simone  Simons (Epica) aan toe en je hebt een prachtig pakkend nummer. Enig minpuntje is dat haar vocalen in het refrein naar de achtergrond verdwijnen, maar de lange instrumentale bridge maakt een hoop goed.

Een van de beste nummers op het album is ‘Casus Belli I: Guilt’s Mirror.’ Dit nummer is heerlijk duister. Het heeft een onheilspellende intro opgevolgd door een donkere muur van gitaar, bas en piano. Ook de harde zang sluit aan op de sfeer, op een gegeven moment hoor ik zelfs wat grunts. Dit is een nummer die je echt op het puntje van je stoel houdt, steeds gebeurt er weer iets onverwachts, fijn!

Ook ‘Lilith’ is een erg lekker nummer. Het begint met een zachte piano, die langzaam opbouwt. De zang is erg goed en doet me eigenlijk denken aan een kruising tussen Marco Hietala (Nightwish, Tarot) en Roy Khan (Kamelot). Op een gegeven moment wordt de zang erg bruut en komen de grunts terug. Het album gaat een aantal nummers zo door. Veel raggende gitaren, rauwe zang en verrassende elementen er tussendoor.

Afsluiter ‘Yesteryears’ is dan ook erg verrassend. Dit nummer heeft een rustige, lieflijke piano en mooie ingetogen zang. Dit gaat het hele nummer zo door, met tegen het eind een verwarde pianosolo die  veel sfeer geeft. Het siert de band dat ze het nummer breekbaar laten, zonder uit te pakken met violen of gitaren.

Conclusie
Al met al is ‘Magnisphyricon’ een zeer degelijk  symfonisch metal album, met als middelpunt het pianospel van Palotai en de zang van Basse. De rest van de band vult dit prima aan. De raggende gitaren en heerlijke solo’s van Pepe Pierez en de bombastische drums van Daniel Schild, alles klopt. Minpunten zijn naar mijn idee de vele overgangen en de lengte van sommige nummers. Maar dit neemt niet weg dat het album lekker weg luistert.  Zeker een aanrader voor fans van het genre!

Rating
8/10

Website
http://www.sonsofseasons.com/ 

Categories: CD reviews Tags: